De Slakjes

Kijk!
Daar is het Vrouwtje Slak!
En het Kindje Slak.
En het Mannetje Slak.

Slakje, slakje kom eens hier,
ik vind jou zo'n leukig dier.
Kindje Slak, heb jij gedroomd?

O ja mama
o ja, o ja!
Van een hele Stoute Slak,
hij vrat alle anderen op
en toen kwam er een Lieve Slak
en die at de Stoute Slak

heb ik gedroomd
mama.

Slakje, slakje kom eens hier,
ik vind jou zo'n leukig dier.
Mannetje Slak, heb jij gedroomd?

Oh, vrouwtje ja!
Van regen en regen
en nog eens regen
en ik kon er helemaal niet tegen
want ik had geen paraplu

heb ik gedroomd
vrouwtje.

Oh Kindje Slak!
Oh Mannetje Slak!

Vrouwtje Slak gaat boodschappen doen.
Zij koopt zes Danoontjes en een meloen.
Danoontjes voor het Kindje Slak.
Meloen voor het Mannetje Slak.

De slakjes houden heel veel van mekaar
en ze vreten en vreten en vreten maar.